Dagelijks archief: 23 juli 2020

Mededeling inkorven

Wij ontvangen de laatste tijd berichten dat er tijdens het inkorven her en der wat punten zijn die er ingeslopen zijn die niet volgens de reglementen gaan. Wij willen iedereen de gelden de regels betreffende het inkorven nogmaals meegeven. Let hier a.u.b. op. Dit is ook voor uw concoursveiligheid.

ALGEMENE REGELS INKORVING

Artikel 81 (i 140/zo 201/202/209)

1. Geen enkele deelnemer, ook geen deelnemende functionaris,
mag direct of indirect, bijvoorbeeld via relatiepartners, combinatiepartners of
bloed- en aanverwanten in de eerste en tweede graad:

a. de eigen duiven inkorven;

b. bij de inkorving de vaste voetringnummers van de eigen
duiven opnoemen;

c. de eigen in te korven duiven van gummiringen voorzien;

d. de nummers van de aangelegde gummiringen op de eigen
inkorflijst invullen;

e. de souches behorende bij de aangelegde gummiringen van
de eigen ingekorfde duiven behandelen.;

f. de eigen duiven over het inkorfsysteem voeren.

2. De door Bestuur Basisvereniging benoemde centrumleider of
diens vervanger bepaalt direct voor het begin van de inkorving -per wedvlucht
en per ringentang- de volgorde van de eerste drie deelnemers die hun duiven ter
inkorving zullen aanbieden. Indien gummiringen van verschillende kleur of serie
worden gebruikt, gebeurt de in de vorige zin bedoelde aanwijzing per kleur of
serie van de gummiringen.

3. Met inkorven wordt pas begonnen indien tenminste vier
Basisleden van de Basisvereniging waaraan het inkorfcentrum is toegewezen
aanwezig zijn, waaronder tenminste een Bestuurslid of een daartoe door Bestuur
Basisvereniging aangewezen bevoegde functionaris van het inkorfcentrum.

4. Een deelnemer die de gummiringen beheert, is niet een van
de drie deelnemers bedoeld in lid 2 van dit artikel. Dit is ook van toepassing
op ieder ander die toegang heeft tot de gummiringen.

5. Bij het inkorven van duiven via een elektronisch
constateersysteem wordt de inkorfantenne zo geplaatst dat de deelnemer de
inkorfantenne niet dichter kan naderen dan één meter. Uitsluitend de met het
inkorven belaste functionarissen mogen de inkorfantenne tot minder dan een
meter naderen.

6. De bevoegde functionaris controleert of het nummer van de
vaste voetring met het nummer op de display van het bedieningsapparaat
overeenstemt. Is er geen overeenstemming, dan kan de duif slechts via het
elektronisch constateersysteem aan de wedvlucht deelnemen als hij voor
inkorving wordt voorzien van een andere elektronische ring, die aan de vaste
voetring van de duif wordt gekoppeld. Als de duif niet van een andere
elektronische ring wordt voorzien, wordt hem een overeenkomstig dit
wedvluchtreglement te constateren gummiring aangelegd en wordt deze duif,
overeenkomstig het gestelde in artikel 199 lid 8b, op een handgeschreven
uniforme inkorflijst geplaatst.

7. Indien door een printerstoring na het inkorven geen correcte print kan worden gemaakt, mogen de duiven, die voorzien zijn van een elektronische ring, op een handgeschreven uniforme inkorflijst worden geplaatst en bij de vermelding van de gummiring wordt dan een vermelding geplaatst van E, waarmee wordt aangegeven dat de duiven elektronisch worden geconstateerd. De print van de aankomsttijden van de duiven dient dan als klokband waarvan de gegevens op de handgeschreven uniforme inkorflijst worden overgenomen.


Verder wil ik u er nogmaals op wijzen dat de mandenlabels volledig dienen te worden ingevuld. Dus ook het aantal duiven! Vol is niet goed.